Even een berichtje uit mijn grote radiohart!

0

Elke ochtend reizen met de trein in de spits is niet mijn favoriete bezigheid, dus daarom verzacht ik die ritjes graag met wat muziek en het allerliefste met de radio. Mensen die bij de radio werken (zoals ik) doen vaak heel moeilijk over ‘een openbare mening hebben over de concurrentie’, maar het maakt mij vandaag even niks uit, even niet dat moeilijk…e politiek correcte gedoe.

Ik werk nu bij de TROS, ben aan het afstuderen bij de NPO/3FM en vind dat fantastisch, maar mijn radiohart gaat net zo goed sneller kloppen van mijn oude werkgever Q-music.
Bij Q werken kanjers. Hardwerkende kanjers die met veel passie het Nederlandse radiolandschap willen veroveren, net zoals ieder radiostation dat ambieert. Q is ook het station waar ik mijn eerste stapjes in radioland heb mogen zetten en daar ben ik ze ontzettend dankbaar voor.
Vanochtend, vrijdag 6 april luisterde ik naar Mattie en Jeroen op Q-music. Nadat de aankondiging was gedaan dat er om 08:45 uur een belangrijke mededeling zou komen voelde ik aan alles dat het geen leuke mededeling zou zijn. Met kloppend hart en vol alertheid zat ik in de trein. O wee als de conducteur nu net om mijn kaartje zou vragen…het enige wat ik wilde is horen was die belangrijke mededeling.
“Ik ga weg bij Q-music”, zei Jeroen Kijk in de Vegte met zijn altijd fijne, vrolijke stem.
Toen Mattie begon te huilen begon ik ook. Zonder schaamte rolden de tranen over m’n wangen. Noem het overdreven, sentimenteel of stom, het gebeurde gewoon.
Ik meen uit de grond van m’n hart dat ik Jeroen een geweldige radiomaker vind en het meer dan verschrikkelijk vind dat hij stopt bij Q en zoals hij het zelf zegt, ‘nog geen andere radioliefde op het oog heeft’.

Op 19-08-2011 schreef Jeroen het volgende op Twitter:
@Jeroenkidv: Even een gepast applaus voor Joske Meerdink. Vandaag de laatste dag van haar stage. Maar sommige mensen horen er al zó bij, ofzo #Qmusic

Een jaar geleden kreeg ik dus nog applaus van Jeroen op m’n laatste stagedag bij Q en vandaag klap ik 10.000 keer harder voor hem! Binnen een jaar terug op de radio Jeroen, dat moet je beloven! #Held.

‘Gunder’ aan de horizon

0

Het Rembrandtplein was overladen met gillende, groen geklede Ieren en Engelsen die ter ere van St. Patrick’s Day onze hoofdstad onveilig kwamen maken. Prima, maar toch ook een beetje raar, want ik durf te wedden dat er nog nooit een Hollander met oranje pruik, panty en vlaggetje in Dublin is geweest tijdens bijvoorbeeld Koninginnedag…maargoed. Tijdens St. Patrick’s Day is traditioneel alles groen gekleurd, zelfs het bier, maar wat was ik blij toen de met anabolen opgeblazen ober, onze niet groene, maar normaal gekleurde pannenkoeken voor onze neus parkeerde.

Witte wijn en pannenkoeken bleken een prima combinatie. Margot en ik genoten met volle teugen van het krioelende Amsterdam voor onze ogen. De avond viel en af en toe deed één van ons een met accent getinte uitspraak en dat was genoeg garantie voor minstens vijf minuten de slappe lach. We waren echt even twee meisjes van het platteland in de grote stad Amsterdam.


Met de pannenkoeken achter te kiezen en genoeg gespreksstof liepen we richting de Kleine Komedie. Het voelde voor mij een beetje als een kleine reünie. Bijna een jaar geleden genoot ik namelijk in de Kleine Komedie van de voorstelling ‘Hout Moet’, mijn eerste theatervoorstelling van Daniël Lohues.
Sindsdien ben ik enorm verknocht aan zijn liedjes en alles wat daarbij hoort. 17 maart was dan ook een dag waar ik ontzettend lang naar uit heb gekeken; eindelijk weer een nieuwe theatervoorstelling, genaamd ‘Gunder’! Even ontsnappen aan al dat gepietleuter van alles en iedereen. Gewoon genieten van dingen die wel belangrijk zijn in het leven en die kan hij zo mooi verwoorden…

Als eerste kwamen zijn vrolijke krullen tevoorschijn vanuit de coulissen. Gehuld in een zwarte blouse en een Adidas trainingsbroek verwelkomde Daniël Lohues ons breed glimlachend met een epische ‘moi’.
Heerlijk. Hartje Amsterdam, maar toch eigenlijk het gevoel van thuis, met één zo’n simpel woordje. Had ik maar een minuscuul klein deel van de nonchalance van Daniël. Waarom moest ik mij bijvoorbeeld zo nodig in een chique zwart jurkje wurmen die avond? Zijn trainingsbroek deed me weer even beseffen hoe relatief uiterlijk vertoon eigenlijk is. De volgende keer ga ik in een knalgroene pyjama; omdat het kan. Daniël heeft een hele eigen kijk op de wereld en daarmee gaf hij mij ook die avond vele inzichten.
Bij het eerste akkoord was ik gelijk alles om mij heen vergeten. Dansende, in groen verpakte Ieren, anabolen opgeblazen obers en het chaotische Amsterdam speelde even geen rol. Ik werd meegenomen op reis en zag de wereld door de ogen van Daniël Lohues.

Tranen van het lachen bij levendig vertelde verhalen over Daniël als de indiaan ‘Bloedende Scheen’ en zijn supermarktontmoeting met Miranda Holdersma, maar heel stiekem ook een kleine waterlander bij liedjes over de Horizon (en dat die toch stiekem wel het mooiste is bij ‘mien olders achter ’t huus’) het dorpsleven en de liefde. Filosofische teksten die door de simpelheid juist diepte geven, een echte kunstenaar met woorden en muziek. Wijsheden die de schoonheid, de rariteit of de complexiteit van het leven beschrijven. Waar ik soms naar de woorden moet zoeken heeft Daniël ze al bedacht.

Het publiek in de Kleine Komedie was nog diverser dan een willekeurig blik reizigers uit een stampvolle NS trein en dat was ook juist het mooie, want hoe goed moet je als artiest wel niet zijn als je zoveel verschillende groepen kan aanspreken! Waarschijnlijk was dan ook het enige dat ik gemeen had met de langharige grijze lesbo’s, korpsballen, boerengezinnen en hippe stadsmensen in de zaal, dat we allemaal ‘baat bij muziek’ hadden en dan speciaal de muziek van Daniël Lohues.

De chemie was ook duidelijk aanwezig op het podium. Samen met Bernard Gepken en Guus Strijbosch speelde Daniël de sterren van de hemel. De drie mannen op het podium waren stuk voor stuk smoorverliefd op hun instrument en dat was te zien en te horen. Na wel een stuk of vijf toegiften te hebben gespeeld, aangemoedigd door een spontane ‘mooi man’ van iemand uit het publiek was het dan toch echt afgelopen. Gelukkig vloeiden de mooie verhalen bij het barretje in de foyer ook nog rijkelijk, zo konden we een beetje afkicken.

Bij de garderobe stond een vrolijke man, CD’s, posters, T’shirts en boeken te verkopen van Daniël. Ik keek een tijdje naar hem en er ontstond in mijn hoofd het romantische beeld van een buurman. Ik wist het zeker, hij was vast de buurman van Daniël die de dag ervoor had gezegd dat hij nog wel wat tijd had om te helpen met de verkoop van de merchandise. Daniël bracht de buurman een kratje bier, zodat ze weer kiet zouden staan. Zo regel je dat toch op het platteland? Dat hele idyllische plattelandsbeeld werd omzeep geholpen toen we in gesprek raakten met de sympathieke merchandise man. Hij werkte ook voor Guus Meeuwis, Kane en wie ook eigenlijk niet. Hoe romantisch het beeld ook was, mijn naïviteit vierde op dat moment hoogtij.
Gelukkig was het verder een feest der herkenning. Het bier vloeide rijkelijk en dat was te merken. Het WC bezoek van de heren werd iets frequenter, (ik dacht dat alleen dames daar last van hadden) maar dat mocht de pret niet drukken. De betovering van de prachtige muzikale avond duurde tot in de kleine uurtjes. Toen uiteindelijk het afscheid er toch van moest komen en Margot en ik met gevaar voor eigen leven door Amsterdam renden om onze trein te halen wist ik het…

Een rode draad tijdens alle theatervoorstellingen van Daniël is het geloof. Zelf gelooft hij niet meer in God, maar ik heb goed nieuws. Ik geloof…maar dan wel in Daniël en ik verdenk mijzelf ervan het ‘evangelie Lohues’ te verkondingen. Ik vertel iedereen die het maar horen wil (tot aan het irritante toe) over de geweldige liedjes en verhalen en stuur iedereen met liefdesverdriet, identiteitscrises of een te groot ego naar Daniël Lohues. Hij is uw redder, hij lost alles op, met enkel en alleen het vermogen zichzelf te zijn. ‘Gunder’ aan de horizon, daar brandt licht. Daniël is muziek, muziek is Daniël. KOMT DAT ZIEN!!!

6530045609_0a9fae654d_b

Coldplay in Ahoy

0

Starend naar het piepkleine schermpje van m’n mp4 speler zit ik in de trein. Straks hoor en zie ik ze in het echt, maar nu verzorgen ze hun eigen voorprogramma, want ‘Charlie Brown’ van Coldplay komt via m’n koptelefoon mijn eigen oren binnen.

Naast mij zit nog iemand te stuiteren van enthousiasme; Judith. Glimmende ogen en een brede lach, die kan ook niet wachten om ze live te zien.

Aan de gesprekken om ons heen te horen gaat 80% van de reizigers in de intercity Rotterdam naar hetzelfde concert en genieten we allemaal van dezelfde voorpret. Welke liedjes zullen ze gaan spelen? Wat zouden ze nu aan het doen zijn? Welke zitplekken hebben we?

Die laatste vraag spookte in ieder geval niet door ons hoofd, want gelukkig hadden wij staanplaatsen. Lekker meespringen en dansen, maar ook de hele avond op m’n tenen staan, want met een schamele 1 meter 68 mocht ik van gelukt spreken als ik de kruin van Chris Martin zou kunnen zien. En dat had ik goed ingeschat, want ik mocht de hele avond genieten van de twee meter lange boomachtige vent die voor me stond te huppelen.

In een zee van confetti, ballonnen en lasor lichten bracht ik glimlachend de avond door. Van Chris Martin’s grappen of persoonlijke verhalen moesten we het niet hebben, want veel meer dan ‘Is everybody OK’? kwam er wederom niet uit. Dat deed me sterk denken aan Pinkpop, waar hij wel tien keer die zin herhaalde. Verder was de show absoluut niet te vergelijken met die op Pinkpop, want ze haalden echt ALLES uit de kast!

You love it or hate it. Sommige mensen vinden Coldplay te commercieel en worden al misselijk bij het horen van de naam. Alles zou opgezet zijn om geld te verdienen en van echte artiesten zou geen sprake zijn. Die mensen zijn niet in Ahoy geweest, of hebben maar 1 oog en 1 oor, want er zit zoveel denkwerk achter de show! Heus ook commercieel denken, Chris moet immers ook zijn croissantje op zondag kunnen eten, maar de show is echt ontstaan uit liefde en passie voor muziek. Over alles was nagedacht en klopte tot in de detail, zoals de kanonnen die confetti spoten in de 14 figuurtjes die symbool staan voor de 14 nummers op het nieuwe album. Ook kreeg iedereen in het publiek bij binnenkomst een gratis Coldplay armbandje, die alleen de band kon besturen. Het armbandje gaf licht op de maat van de muziek en dat zorgde voor een geweldig lichtspektakel door de hele zaal heen; innovatief, briljant en super mooi! Het was geen concert, het was een belevenis.

Het decordoek wat achter de band hing, stond vol songteksten van Coldplay, (geschreven en getekend met fluoriserende kleuren) wederom weer geheel in lijn met de rest van de aankleding en het artwork.

Tijdens ‘God Put a Smile Upon Your Face’ improviseerde Chris een zin en zong: ‘God give me style and give me grace, god give me 20.000 dutch people in the same place’.

Even waren we 1. Hij zat in een spotlight, ik stond in het duister, die duizenden mensen om me heen waren er even niet en ik steeg op. Even was ik Mary Poppins in Ahoy en zweefde ik boven de gitaar van Chris en viel ik in zijn armen….

Kuch, kuch…euhm.. In My Dreams..

Coldplay, de grootste band ter wereld is er in geslaagd een show neer te zetten die duizenden mensen stil kreeg. I’m impressed en ik kan niet wachten totdat ik weer kan genieten van de mooie teksten en de kalmerende stem van Chris Martin.

Chris sloot af met: ‘And may all your christmases be white’.

Prachtig.

zwemmen

‘Hoeveel baantjes doe je?’

0

Handschoenen aan, muts op, jas aan, sjaal om. Gekkenwerk, want straks gaat het allemaal weer uit en sta ik daar in m’n bikini. Niet de kledij waar ik me het gemakkelijkst in voel en laat dat nou juist de issue zijn. Ik wil veel kilo’s kwijt en zwemmen is de sport die ik het leukste vind, 1+1 = 2.

Ik zong een liedje op de fiets, maar wel zo onverstaanbaar dat alleen ik mezelf kon horen.

In de verte verscheen het Boerhaavebad gehuld in dikke mist. Gelukkig deed dat het zwembad alleen maar goed, want mist maakt sfeer en dat mist het zwembad juist…perfect dus. In het hokje trok is alles wat ik een kwartier geleden nog zo netjes aan had getrokken weer uit en nam ik een frisse douche. Het wedstrijdbad was nog even in gebruik door de plaatselijke zwemclub, dus ik zwom wat rondjes in het warme recreatiebad. In een hoekje zaten drie hele forse vrouwen in het plat Haarlems met elkaar te beppen. Vorige week zaten ze daar ook, zelfde volgorde, zelfde plek. Ze verrekken het om te bewegen, muisstil zitten ze daar in het water, behalve als ze zich opwinden bijvoorbeeld over de AOW.
‘man man man, die gaat maar een duppie omhoog, wat hep ik daar nou an!’
En ja hoor, warempel! Daar ging een hand de lucht in van verbijstering….wat een work out!

Een stukje verder ging een man van een jaar of 45 steeds met z’n hoofd in en uit het water, bijna een tik, maar toen ik goed keek wist ik waarom. Die stoere duikbril deed mij vermoeden dat hij een fanatieke zwemmer was en mij straks met een mega snelheid voorbij zou zwemmen. Maar nee hoor, de vieze gluurder. Hij bekeek de vrouwtjes onder water, dat had ik wel door. Ik hoopte dat de drie forse Haarlemse vrouwen eindelijk in beweging zouden komen en voor hem langs zouden zwemmen, dat zou hem leren!

Yes, het was half negen, de tussenwand schoof omhoog en ik klom uit het warme water. Het wedstrijdbad was binnen een minuut weer gevuld met mensen. Altijd dezelfde mensen. Ik ken ze niet bij naam, maar wel bij hun trekjes. Bij mijn derde baantje dook er vanuit m’n ooghoek een oude man op. Daar was ie weer, iedere week trouw, puffend, steunend en hijgend…maar hij was er! Net zoals elke keer liep hij naar de duikplank en draaide hem omhoog. Een klusje dat hij elke week van de badjuffrouwen mocht doen en dat vond hij geweldig, aan zijn gezicht te zien. Hij zag me dobberen en brabbelde iets naar me. Ik knikte en lachte wat, maar ik verstond hem eigenlijk nauwelijks. Na even goed nadenken en terugdenken besloot ik maar dat hij vroeg ‘is het water koud?’,  want dat vroeg ie namelijk elke week.

Het wedstrijdbad is tijdens het baantjes zwemmen altijd in tweeën verdeeld. Het grootste gedeelte is bedoeld voor mensen die rustig in schoolslag baantjes willen trekken en in het andere stuk doen mensen borstcrawl. Natuurlijk heb je er ook altijd één tussen zitten die dan lekker dwars in het rustige gedeelte als een malle gaat borstcrawlen.
Water in je oor, voet in je zij….lekker dan….en bedankt!

Ik hield me even vast aan een ijzeren beugel van een startblok toen ook de Turkse man aan kwam gezwommen.
‘Hey meisje!’, klonk het al van verre.
‘Hoeveel baantjes doe je?’

Dat was zijn ding, zijn openingszin, zijn zin. Zo’n zin als ‘ken ik jou niet ergens van’ in de kroeg, is ‘hoeveel baantjes doe je’ voor hem in het zwembad.

’50 baantjes’, zei ik.
‘Zoooo man, dat is veeeeeeeeel, waarom zo veel?’,vroeg hij.

‘Ik doe aan de lijn’

‘Hoeveel moet eraf?’

‘Veel…. ik denk een kilo of 15, misschien wel meer’.

‘Ik weet wel iets. Niet eten en geen water drinken, dat helpt wel!’, hij schaterlachte het uit en zwom weg.

Goed…..

32, 33, 34. kom op Jos, nog 16 baantjes.

Aan de kant stonden twee sportieve mannen met elkaar te praten. Ze waren allebei gehuld in een niets verhullende zwembroek, zo’n strakke.
koud hier hè…en dat water ook al’, zei de een tegen de ander.

Ik gniffelde wat en zwom gauw verder. Heel warm zal hij het wel niet gehad hebben, aan z’n zwembroek te zien….

Mijn baantjes zaten er bijna op, toen ik de oude man voor de zoveelste keer inhaalde. Hij brabbelde weer wat en ik verstond er geen barst van. Na drie keer ‘wat zegt u’ gezegd te hebben kon ik ‘hoeveel baantjes doe je’ verstaan. Ik vertelde hoeveel ik er nog moest en hoeveel ik er in totaal zwom. We kletsen wat. Ik zwom nog wat en klom uit het bad.

Onder de douche moest ik glimlachen. Blijkbaar lig ik nog goed in de markt. Twee keer versierd binnen een uur baantjes trekken met DE openingszin van het zwembad!

Waar is dat afvallen dan nog voor nodig ;-)

 

Foto0190

Je thuis voelen kan ook onderweg (zijn)

0

Twee voeten stappen uit de trein. Braaf erachteraan komen de vier wielen van een koffer. Ogen kijken zoekend rond en ja hoor….er gaat een arm de lucht in en een hand begint hevig te zwaaien. Er zwaait iemand terug en de voeten beginnen harder te lopen. Lippen krullen op en er verschijnt een grote glimlach. Het ‘vrijdagmiddagbeeld’ is weer compleet.

Ik ben weer thuis.

Als patat zonder mayonaise, Ivo Niehe zonder zelfbevlekking en een pen zonder inkt; niet compleet. Zo voel ik me, zonder mijn huis op wieltjes, mijn koffer.

Het begon allemaal zo simpel. In m’n eerste huis woonde ik ongeveer negen maanden; op verdieping ‘buik’ van m’n moeder. Het was lekker warm en er werd goed voor me gezorgd.

Daarna belandde ik in een wieg die in m’n eerste eigen kamer stond.

Na een tijdje verhuisden we naar een plek waar m’n ouders nu nog steeds wonen en ik reserveer daar nog steeds, bijna elke weekend, een plekje in ‘hotel mama’.

Niet iedereen heeft een huis, maar iedereen kan zich thuis voelen.

Vier muren en een dak, het lijkt zo simpel, maar waarom voel ik me daar thuis? Thuis is niet iets dat je kunt aanwijzen zoals een bed, kast of een mobieltje. Thuis is een gevoel en dat heb ik heel lang niet geweten. Voor mij waren ‘thuis’ en ‘huis’ hetzelfde.

Dat veranderde toen ik op kamers ging, want toen had ik twee ‘thuisen’

Snap je het nog?

Is het de deur waar je door naar binnen loopt, het bed waar je in slaapt, de mensen om je heen?

Is het de geur, kleur, smaak of het gevoel dat kwam of juist verdween?

Een stem, herinneringen, geluid of dat ene gevoel?

Je snapt misschien wel wat ik bedoel…

Thuis.

Voel ik me dus alleen thuis in een huis? Nee.

Twee voeten stappen in de trein. Braaf erachteraan komen de vier wielen van een koffer. Ogen kijken zoekend rond en vinden uiteindelijk een plekje. Lippen krullen op en er verschijnt een grote glimlach: ‘Je thuis voelen kan ook onderweg (zijn)’

 

Guus Meeuwis – Thuis:

ik merk als binnenkom
En mijn moeder heb gekust
Hoe onstuimig ook de wereld is
Hierbinnen vind ik rust

Mama vraagt of ik blijf eten
Papa hoe het leven staat
Ik weet dat jullie weten
Hoe het werkelijk met me gaat

 

Stef Bos – Dingen Gedaan

Ik ben geboren in een huis
Waar de liefde woonde
In een dorp waar de tijd
Soms stil leek te staan
Geboren op een zondag
In het hart van de zomer
En het leek of de zon
Nooit onder zou gaan

Ik verliet op een dag
De veilige haven
Ik wilde voorbij
De horizon gaan
De wereld gezien
De angst overwonnen
En soms in de nacht
Gehuild naar de maan

wind

Jan de Wind

0

Ik weet het nog, ik weet het nog precies.

De wind waaide langs mijn bolle wangen en mijn blauwe ogen keken naar de lucht. Ik zat voorop de fiets bij mijn vader, mijn benen bungelden en ik had een glimlach van oor tot oor. Links en rechts zag ik de grote handen van papa die het stuur stevig vasthielden.

‘Pap, wie blaast er zo hard’

‘Dat is Jan, Jan de wind’.

Mijn kinderverstand zocht gelijk naar een associatie en BINGO, die was snel gevonden. Onze buurman destijds heette ook Jan. Sindsdien als het hard waait en ik kijk naar boven, dan zie ik nog steeds, als ik heel goed kijk, het gezicht van mijn buurman Jan, die met bolle wangen de wolken verder blaast.

Ik weet het nog, ik weet het nog precies.

2011-06-11 21.34.09

Is everybody OK?

0

“Hallo ik ben Joske en ik ben nog nooit naar Pinkpop geweest”.

Het klinkt als een tekortkoming, maar gelukkig was dit makkelijk op te lossen.

Al is de reden dat ik dit jaar voor de eerste keer Pinkpop bezoek niet omdat ik het festival een keer mee wilde maken….je kunt Coldplay de schuld geven. Ik wilde die betoverende liedjes wel een keer live horen.

Samen met groot Coldplay-fan Judith vetrok ik naar Landgraaf. Om alvast in de sfeer te komen, luisterden we onderweg naar alle CD’s van onze muze. Toen ‘Parachutes’ uit de boxen schalde, zagen we ze naar beneden komen…èchte parachutes. Verdacht toevallig!

De auto parkeerden we op een parkeerplaats (wat achteraf de verste parkeerplaats bleek te zijn) voor veel te veel geld. Daarna volgde een wandeltocht van zeker 5 kilometer, langs camping A, B, C, D, heuveltje op, heuveltje af, bruggetje door….

Om uiteindelijk in de (eindeloos lange) rij te gaan staan voor de ingang.

Ik werd uitgebreid gefouilleerd en ook mijn tas werd onderworpen aan een strenge controle. Als ik dat had geweten had ik de helft thuisgelaten, want de beveiliger vroeg me om ALLES open te maken. Toen hij mijn poncho, zonnebril, make-up, deodorant, boekjes en pennen was gepasseerd pakte hij mijn dagcrème uit de tas.

Thuis had ik gewoon mijn ‘alles-tas’ gepakt, dus ja, daar zit van alles in, zo ook mijn dagcrème. Niet zomaar een spulletje..het kost een fortuin! Na een twijfelachtige blik mijn kant op, vroeg hij bijna fluisterend: ‘wat is dit?’. Ik vertelde hem dat het een zalfje was en vroeg hem of ik het mocht houden, want vanuit mijn ooghoeken zag ik de vuilnisbak al staan.

Hij keek me lachend aan en stopte het terug in mijn tas. Wat moet die man wel niet gedacht hebben…dagcrème op een festival…Achja, de Pinkpoppers achter mij konden wèl giebelen om deze scène.

Clean en ongevaarlijk na de strenge controle, volgde de eerste ontmoeting met Pinkpop. Eerste indruk: groot, roze en gezellig. Een klein jongetje liep voorbij met een T-shirt waarop stond: 7 jaar, 6e keer Pinkpop. Hoe stoer!

We besloten ons eerst aan te kleden met gadgets (lees: roze Pinkpop bril en hoedje), zodat we lekker ‘onopvallend’ tussen alle Pinkpop-gangers uit ons dak konden gaan.

We gingen languit in het gras liggen en het eerste optreden werd verzorgd door de zon. Hij deed zijn uiterste best om zijn publiek tevreden te houden, maar het werd even wat frisser toen de zon en de wolken een duet gingen doen: jasje aan, jasje uit-weer

We zagen de Manic Street Preachers, Lifehouse en daarna kwamen de mannen waar ik me naast Coldplay ook erg op verheugd had. Elbow!

Zij kregen het gehele Pinkpoppubliek stil met hun prachtige ‘Lippy Kids’. Tijdens wat technische problemen zorgde Guy (leadzanger) voor afleiding in de vorm van flauwe grappen (zo flauw, dat ze weer grappig waren). Ook kreeg hij het publiek met zich mee in wat stemoefeningen voor het nummer ‘Grounds For Divorce’.

Na Elbow werd ons geduld op de proef gesteld. 20 minuten te laat kwamen de mannen van Coldplay op (omdat ze wilden wachten totdat het donker was, zodat het vuurwerk beter tot z’n recht kwam).

Het concert was het beste dat ik ooit gezien heb! Een combi van ‘oude’ bekende nummers en nieuwe nummers van hun aankomende album. Keihard rocken, maar ook mooie rustige dialogen tussen Chris en zijn gitaar of piano. Het publiek zong alles mee en de band werkte zich aardig in het zweet. Na het zogenaamde laatste nummer, kwamen ze weer op het podium en speelden ze een ‘toegift’ van drie nummers. Ze sloten af met hun nieuwe single, ‘Every Teardrop is a Waterfall’. De acts werden ondersteund door vuurwerk, megabalonnen, confetti en laserlichten.

Tussen de nummers door hoopte ik op mooie verhalen over de liedjes of de band, maar veel verder dan ‘Is everybody OK?  (en dat zo’n 10 keer) kwam Chris Martin niet.

Het mooie van zo’n optreden is dat je tussen zoveel vreemde mensen staat, die allemaal eerder van je verschillen dan gelijkenissen vertonen, maar één ding hadden we zaterdagavond tijdens Pinkpop 2011 allemaal met elkaar gemeen: we kenden dezelfde teksten uit ons hoofd. De teksten van Coldplay.

Het nieuwe album kan niet snel genoeg uitkomen! Ik heb ze live kunnen horen en zelfs ook een klein beetje kunnen zien, want met mijn schamele 1 meter 68 moet je erg je best doen om een glimp op te vangen van de podiumdieren.

Met een stijve nek (van het over de mensen heen kijken) zere voeten (van het staan en lopen), maar met een hoofd vol heerlijke muziek, kijk ik terug op een mooi Pinkpop 2011.

De recensies van Coldplay zijn positief, maar blijkbaar waren de journalisten niet helemaal tevreden:

“Coldplay speelt op Pinkpop vijf nieuwe nummers van hun aankomende plaat. Daar zit gewoon weer een nieuwe wereldhit tussen. En dan zijn er nog de oude hits, het enthousiasme, de mooie show en het lef om fouten te maken. Magisch werd het niet, maar dit sterke optreden zal niemand teleurgesteld hebben.” 

“Tijdens een enkel nieuw nummer (Chris Martin: “Ooit wordt dit een bekend liedje”) en tijdens door fans geliefde albumtracks als Politik wordt een groot deel van het publiek onrustig en lijkt zich niet meer te kunnen focussen op muziek en gaat er maar doorheen lullen. Dit onder het mom ‘erbij zijn om erbij te zijn’. Het geld was goed besteed aan Coldplay, maar deze band was niet goed besteed aan een deel van dit publiek.”

 “Na een dag lang wachten worden fans van Coldplay zaterdagavond dan eindelijk getrakteerd op een fikse portie Chris Martin. De band kan overduidelijk niet alle Pinkpop-gangers bekoren. Gelukkig doen ook Selah Sue en Alter Bridge goede zaken.” 

Ik weet niet waar die journalisten stonden? Maar tussen de normale Pinkpopgangers, op het grote veld, tijdens het optreden van Coldplay was er ècht wel magie te vinden! En kletsen door de nummers heen? Ik heb het niet gehoord…misschien in het pers-hoekje?!

Om 22:45 uur was het dan toch echt afgelopen. Ome Jan Smeets kwam (zijn) podium op en vroeg ons of we rustig naar de uitgang wilden gaan. “Heb geen haast, alles komt goed!”, waarop een jongen naast me in het publiek zei: “Ja, hij heeft makkelijk praten, na vandaag krijgt hij weer een bak geld op z’n rekening bijgeschreven…ik wil gewoon nu naar huis!”

Jan Smeets. Hij die elke dag het festival opent en ook weer sluit. Ik ken de hele man niet, maar het geeft wel een veilig gevoel: de opa van Pinkpop.

Dat rustig aan kon Jan ons wel bevelen, maar heel veel anders kon je ook niet. Ik had nog nooit zoveel mensen bij elkaar gezien. Een grote mierenhoop: 66.000 mensen, die allemaal naar buiten wilden, naar de camping of naar de auto. Vragen om problemen. Niet eens voetje voor voetje, maar teentje voor teentje druppelden we naar buiten en na anderhalf uur kwamen we dan eindelijk aan bij onze auto.

Als je een festival al 42 jaar organiseert, had je het logistiek beter moeten doen.

 

In de auto zweefden Judith en ik nog op wolkjes, roze Pinkpopwolkjes. In mijn gedachten ging ik terug naar die middag en zag ik het kleine jongetje weer voor me, met zijn T-shirt waarop stond: 7 jaar, 6e keer Pinkpop.

Ik maak alvast mijn T-shirt voor volgend jaar:

22 jaar, 2e keer Pinkpop.

 

EXTRA:

Gehoord op Pinkpop:

“Zullen we naar voren gaan? Misschien zijn daar wèl mooie vrouwen..”

En bedankt

“Jullie zijn voor Coldplay naar Pinkpop gekomen? Zij hadden toch ook vuurwerk bij hun act of niet? Wil je nog meer vuurwerk…kom maar naar onze tent op camping B”

Ik sla even over

DSC03064

Een gedichtje voor het slapen gaan

0

Zolang de zon de dag inkleurt

Zolang je maar nergens zwart en wit bespeurt

Zolang zelfs de schaduw en het donker niet bestaan

Zolang je durft te denken dat er niks mis zal gaan.

Zo

Lang

Duurt het voordat je ècht op eigen benen kunt staan

Lohues0

Soms heeft iemand dat al voor je gedaan.

1

Soms sta je ergens

In de zon, de schaduw of juist de wind

Soms ruik je dingen

Van nu, van ‘oja toen’, of van vroeger als kind

Soms hoor je verhalen

Van mensen in de trein, op straat of om je heen

Soms voel je dingen

Rottigheid, wilskracht of je vindt iets heel gemeen

Soms verlang je

Naar mensen, een plek, een dag in het verleden

Soms hoop je

Op een gevoel, succes of meer mogelijkheden

Op die momenten vliegen er letters door mijn hoofd, die naar hun plek in een zin zoeken. Ik wil het allemaal opschrijven, onthouden en vasthouden, maar…

Soms heeft iemand dat al voor je gedaan.

De Kleine Komedie zal bomvol. Stiekem vond ik het fantastisch om juist in Amsterdam naar mijn held uit het Oosten te gaan luisteren.

Het idee alleen al, dat er na deze avond westerlingen zouden zijn die ‘de andere kant van het land’, beter zouden snappen, vond ik prachtig.

Zoals Daniël zingt in Hier kom ik weg: ‘Jij woont hier ver vandaan, zeggen ze elders in het land.
Dan zeg ik, insgelijks, u ook, a’j ‘t zien van dizze kant’

Mijn hoofd zat nog vol met stuiterballen. Je weet wel, ideeën, gedachtes die zo lekker blijven knagen. (Ik moet huppeldeflup nog mailen, want anders gaat dat volgende week niet door, en als ik morgen om 13:00 pas klaar ben met die afspraak dan heb ik geen tijd meer om…..)

Maar er was plek.

Plek voor rust.

Ieder weekend zoek ik de rust weer op, dan zit ik te genieten in mijn mooie dorpje. Van maandag tot en met vrijdag is die vanzelfsprekende rustfactor even zoek, maar ik vind hem vaak wel weer terug in (bijvoorbeeld) liedjes.

Gelukkig kwam de personificatie van ‘mijn broodnodige rust’  het podium opgelopen.

Daar stond hij dan. In zijn zwarte overhemd, zijn krullen eigenwijs omhoog, op een podium vol gitaren.

Daniël Lohues.

Zijn nummers ken ik van voor naar achter, zelfs in het Drents (toch knap als parttime Achterhoeker). Ook die avond zong ik ze stilletjes in mezelf mee.

Waar zijn stem thuis op het CD’tje bleef, zong hij die avond de letters rechtstreeks m’n hart in.

Liedjes over het verschil van leven, mensen, sfeer en mentaliteit tussen de randstad en het platteland. Liedjes over hoe het leven is in een dorp, maar ook liedjes over liefde, verraad en geluk.

Iedereen zoekt naar herkenbaarheid. Dan kun je iets met iemand delen.

Die avond deelde Daniël zijn leven via zijn muziek met mij. Ik herkende zijn verhalen, gedachtes en gevoelens en dat gaf mij rust.

Het stukje Joske dat in het weekend gevuld wordt met rust in de Achterhoek, was die avond ineens op visite in Amsterdam. Ze mocht naast de drukke Joske uit het Westen zitten. Samen genoten ze van  Daniël, die ze over de beide werelden toezong.

Soms sta je ergens

In de zon, de schaduw of juist de wind

Soms ruik je dingen

Van nu, van ‘oja toen’ of van vroeger als kind

Soms hoor je verhalen

Van mensen in de trein, op straat of om je heen

Soms voel je dingen

Rottigheid, wilskracht of je vind iets heel gemeen

Soms verlang je

Naar mensen, een plek, een dag in het verleden

Soms hoop je

Op een gevoel, succes of meer mogelijkheden

Op die momenten vliegen er letters door mijn hoofd, die naar hun plek in een zin zoeken. Ik wil het allemaal opschrijven, onthouden en vasthouden, maar…

Soms heeft iemand dat al voor je gedaan.

  

  

Voor de liefhebbers: mijn favoriete nummers van Daniël:

♫        Zolang t zoals nou giet

♫        Hier kom ik weg

♫        Annelie

♫        Morgen wordt het beter toch, of niet?!

♫        Oma had geliek

♫        Baat bij muziek

driemark1

A Trip Down Memory Lane

0

Met mijn voeten stevig op de trappers en de haren in de wind fietste ik naar Winterswijk. Even leek het weer 8 jaar terug. Toen maakte ik elke dag die tocht van 5 km heen en 5 km terug. Ik was vandaag wel 7 kilo lichter, want de rugzak vol met boeken behoort gelukkig tot het verleden.

Vanaf 7 februari ga ik stage lopen bij Q-music en ben ik alleen nog af en toe in de weekenden in de Achterhoek te vinden. Deze week heerst er dus nog stilte voor de storm, dus ik heb besloten dat te gebruiken om een soort ‘La tournée d’adieu’ te doen. Niet dat ik iedereen hier farewell, auf wiedersehen en goodbye zeg, maar ik vond het wel een mooie gelegenheid om m’n gezicht weer eens te laten zien.

De weg naar m’n oude middelbare school ‘De Driemark’ weet ik met m’n ogen dicht te vinden. Toen, hoe toepasselijk, Kid Cudi op de beats van David Guetta de woorden ‘those will be the best memories’ zong, (mijn favoriete ‘op de fiets liedje’) dook het grote witte gebouw voor mn neus op.

Ik sprong van m’n fietsje en begroette wat oude bekenden buiten bij de deur. Eenmaal binnen kwam de geur van zwetende brugpiepers me al tegemoet. Er was praktisch niks veranderd. Wel wat tafeltjes en computers hier en daar, maar in beginsel was het nog steeds de plek waar ik ben opgegroeid; Tussen de aqua-blauwe muren, kunstwerken, rammelende kluisjes en glimlachende leraren. Een plek waar ik vrienden heb gemaakt, trots op mezelf ben geweest, veel plezier heb gemaakt, maar vooral ook vaak genoeg super zenuwachtig ben geweest voor presentaties, SO’s en toetsen.

N.a.v. ‘hoe is het er mee’ mailverkeer met m’n oude leraar Engels, meneer Kottier, kwamen we op het idee dat het wel eens leuk zou zijn om die geschreven email-letters, in te ruilen voor een gesprek bij een kopje koffie, of een kopje koffie bij een gesprek. ;-)

Nog steeds, na zoveel jaar, noem ik Wim Kottier nog steeds meneer Kottier, gewoon omdat voor mij, meneer veel natuurlijker bij zijn achternaam klinkt dan Wim.

In de lerarenkamer zag ik al van verre wat nieuwsgierige ogen mijn kant op kijken. Vriendelijke blikken. Blikken waarvan veel af te lezen was. Gelukkig bleef de ‘heb je haar weer’ blik uit, maar de ‘even denken, wie ben je en hoe heet je ook alweer’ blik was wel aanwezig. Gelukkig overheerste de ‘hey, wat leuk dat je er bent’ blik en begon al snel een ‘trip down memory lane’.

Even leek het weer 8 jaar terug. Flauwe grappen van meneer Kottier over ‘of er wel stromend water of elektriciteit aanwezig is in ’t Woold’ vlogen weer over tafel, zoals vanouds. Net zoals vroeger achter het schoolbankje, kon ik daar nu ook hartelijk om lachen.

Ik ben in al die jaren best wat veranderd. Zelfstandiger, wijzer en misschien ook wel gelukkiger geworden. Alleen ontkom ik niet aan de gedachte dat ik stiekem ook wel terug verlang naar dat veilige, grote witte gebouw met die aqua blauwe muren, die mij jaren lang zekerheid hebben gegeven. Ik zal in de toekomst nog veel van die ‘veilige plekken’ ontdekken. Tot die tijd blijf ik mijn herinneringen opzoeken. Zowel in m’n gedachte als met een ‘La tournée d’adieu’.

Go to Top